"Kunst lijkt uitsluitend waarde te hebben als amusement en verstrooiing, als verfraaiing van de omgeving, als commerciële, dienende kunst en niet als vrije, onafhankelijke kunst." (Hegel filosoof te Duitsland 1770-1831)
Blijkbaar is dit onderwerp nog immer actueel, een steeds terugkerend dilemma waarbij keer op keer moet worden nagegaan wat de waarheid in deze is; is de waarde van kunst nog op een andere wijze dan in verkoopcijfers uit te drukken? Een kunstwerk is een product van de mens die zijn geestelijke vermogens en zijn fantasie gebruikt om de hem omringende, vreemde wereld te ontraadselen. De kunstenaar tracht het andere en het vreemde een gezicht te geven; hij maakt het voorstelbaar.
Esthetiek betekent letterlijk vertaald, schoonheidsleer. Wat houdt dit begrip "schoonheid" in met betrekking tot de kunst?
"Het zintuiglijke van de kunst is schijn. Schijn maar geen illusie. Veeleer is het een transparante schijn, die door het begrijpen zelf wordt geschapen en die voor het begrijpen zelf onmisbaar is". (Hegel)
Schoonheid is het begrijpen en niet direct subjectief omzetten van zintuiglijke indrukken. De esthetische ervaring, de gewaarwording van het aangename, van bewondering, van vrees, van medelijden enzovoort is geworteld in subjectieve beleving en objectieve kennis. Het smaakoordeel (in het waarnemingsvermogen) tussen twee domeinen: vrijheid en noodzakelijkheid.
De bron van een kunstwerk is de activiteit van de fantasie, hierbij zijn toeval en willekeur de eigenschappen van de verbeeldingskracht.
De menselijke natuur wordt bepaald door een algemene schoonheidsdrift. Een kunstwerk is geen natuurproduct maar een door menselijke activiteit voortgebracht product. Het is een bewust produceren van een uiterlijk object.
Het produceren in materiële zin is een formele activiteit volgens bepaalde gegevens. Wanneer de werkwijze en de techniek beheerst wordt kan men het bewuste iets produceren. De kunstzinnige productie is geen formele activiteit volgens bepaalde gegevens. Het is een geestelijke activiteit die op eigen kracht moet werken en de individuele schepping tot stand brengt, los van de gerichtheid op algemeen geldende wetten.
De toestand van formele kennis, wetten en regels staat tegenover die van inspiratie. Het kunstwerk is aan het zintuiglijke ontleend en gemaakt voor de zintuiglijke waarneming van de mens.
Een natuurlijk zintuig voor schoonheid bezit de mens niet maar wel zoals genoemd een algemene schoonheidsdrift die echter subjectief is. Vorming van zo'n zintuig is daarom een voorwaarde om te kunnen oordelen. Dit gevormde zintuig voor schoonheid noemt men smaak. Smaak wordt echter doorgaans ontwikkeld door te abstracte theorieën en schiet daarom altijd te kort. Een kunstwerk is een zintuiglijk object dat wezenlijk in relatie staat tot de zintuiglijkheid van de mens. Een kunstwerk presenteert zich voor het zintuiglijk bevatten, aanwezig voor zowel de uiterlijke als de innerlijke gewaarwording, voor zintuiglijke aanschouwing en voorstelling.